GeoCruiser

Rondje High Lands

Vrijdag, 10-06-2016
We reden naar het noordoosten en kwamen we op een kustweg uit. Deze weg leidde naar de meest noordoostelijke punt van Schotland.
Het weer bleef grotendeels bewolkt en af en toe zagen we een waterig zonnetje. Bij "Dunrobin Castle" draaiden we de oprijlaan in. Er was veel bezoek en we moesten de camper langs de oprijlaan parkeren. De goot waar we overheen moesten rijden was te diep voor onze camper. We kregen het advies dichterbij het kasteel de camper te parkeren, als er nog een plekje was. We hadden pech, alles stond vol en er stonden heel wat personenauto's op plekken voor campers.

Dunrobin Castle, op afstand

Na een stille omgang reden we verder en twee kilometer noordelijker reden we weer een zijweg in. Hier vonden we wel een parkeerplaats voor een bezoekje aan "Carn Liath". Hier staat de ruïne van een grote torenwoning met uitzicht op zee. De toren was, rond het begin van onze jaartelling, opgebouwd uit opgestapelde losse stenen (Cairns). Er was slechts enkele meters hoogte over van wat eens een veel hogere toren was. Het bouwwerk was oorspronkelijk bijna net zo hoog als dat het breed was. De overblijfselen van deze toren maakten een bijzondere indruk op ons.

Carn Liath

Carn Liath

Carn Liath

Carn Liath

Vrijdag, 10-06-2016
Deze dag reden we naar het noordoosten en kwamen we op een kustweg uit. Deze weg leidde naar de meest noordoostelijke punt van Schotland.

We waren te vroeg in het dorp Helmsdale, waar we hadden willen overnachten. We besloten nog een stuk door te rijden naar Latheron. Onderweg naar Latheron zijn we nog eens gestopt, deze keer was het voor het voormalig dorpje Badbea. Deze nederzetting werd een paar honderd jaar geleden nog bewoond. Er waren nu alleen nog ruïnes te vinden, dicht aan de kust boven zeer steile hellingen.

Cottonplants

Ruïnes van Badbea

Ruïnes van Badbea

Aan het kleine haventje van Latheron vonden we op de kade een plek om de camper te parkeren voor de overnachting. Er was plek voor ongeveer vier kampeerauto's. Het dorpje lag een stukje hoger langs de weg. De haven was op een paar campers na helemaal verlaten. Er lag een klein bootje in het haventje. Het was er prachtig en we hadden volop zicht op de Noordzee. Achter ons panoramaraam (voorruit of etalageraam) in de auto hebben we heerlijk van het mooie uitzicht kunnen genieten.

Haven van Latheron

Haven van Latheron

Een Schot die daar zijn hond uitliet, vertelde dat het vijf jaar geleden was dat er voor het laatst zo'n mooie lente is geweest. Schotland heeft het dit voorjaar veel beter getroffen dan het Europese vasteland, waar juist heel veel regen is gevallen.

Latheron

Rouwkwikstaart met insekten

Zaterdag, 11-06-2016
Het dakraam boven ons bed was gaan rammelen. Als we kamp maken, dan zetten we dat raam op een kier, maar de wind was aangewakkerd en dat veroorzaakte de herrie.
Na het ontbijt reden we verder naar het noordoosten, we wilden naar "Duncansby Head". Vanaf dit kale landpunt zagen we in de verte een aantal eilanden van de Orkney's liggen. Tegen de wind leunend hebben we daar en in vlakbij liggende John O'Groats een wandeling gemaakt.

Duncansby Head, einde van het Schotse vasteland

Duncansby Head

John O'Groats

Het eindpunt van de dag was een caravan park in Dunnet. Voor we het dunst bevolkte deel van Schotland in reden, hebben we eerst de was gedaan en konden we de camper voor de verdere rit verzorgen en klaar maken.
Deze camping lag achter een smalle rij duinen aan een zandstrand van Dunnet Bay. We zijn een strandwandeling gaan maken. Het was jammer dat de zon deze dag nog niet te zien is geweest en de wind was nog duidelijk aanwezig.

Camping in Dunnet

Dunnet Bay, eenzame visser

Zondag, 12-06-2016
Een goede nachtrust, koffie en een gebakken eitje waren de basis voor de rit van deze dag. Maar eerst moest er nog gecorveed worden. Boodschappen deden we verderop, in Thurso.
De rit was westwaarts langs de noordkust van Schotland. De weg werd steeds smaller en we kwamen steeds minder verkeer tegen. Uiteindelijk werd de weg een eenbaansweg met veel uitwijkplaatsen, waar auto's elkaar kunnen passeren.
Het is een goede gewoonte om het lokale verkeer voorrang te geven, dat zijn meestal auto's van mensen die geen vakantie vieren.

Schotse noordkust

Noord-Schotland, gestoken turf

Noord-Schotland

Schotse noordkust

Het landschap werd mooier en mooier en uiteindelijk kwamen we door adembenemende landschappen. Een kwartier rijden voor Durness vonden we een parkeerplaats met het uitzicht over Rispond Bay. De keuze voor een overnachtingsplek was snel gemaakt. Het uitzicht op de baai met strand was fantastisch.
Een meeuw bleef ons constant in de gaten houden of we iets te eten zouden toegooien. Die meeuw heeft pech gehad.

Rispond Bay

Rispond Bay

Rispond Bay, meeuw

Maandag, 13-06-2016
Zoals steeds hebben we heerlijk geslapen, nog twee andere stellen in kampeerauto's hebben naast ons de nacht doorgebracht. Sommige kampeerders gaan pas ergens voor een overnachting staan, als er al andere kampeerders staan.
De meeuw zat er nog steeds of opnieuw; het was een volhouder.

Rispond Bay, nog een meeuw

We reden via Durness langs de "single lane"-weg naar het zuiden. Durness was voor ons het verste stadje van huis verwijderd. Het landschap veranderde, maar het was van grote schoonheid.

Noord-Schotland

Noord-Schotland

Noord-Schotland

We reden langs Schotlands hoogste waterval, de "Corriehalloch Gorge", dus daar moesten we even stoppen en de kloof en waterval bewonderen. Het was er mooi, naar Schotse maatstaven.

Distel, de Schotse nationale bloem Corriehalloch Gorge

Enkele kilometers verderop vonden we weer een parkeerplaats voor de nacht. We stonden tussen twee bergen in, tussen de "Carn Bhiorain" en de "Meall an T-Sithe". De bergen waren ongeveer 500 tot 600 m hoog.

Scheve rivier, bron van de midges?

We hadden veel enge verhalen gehoord over de beruchte Schotse "Midges" maar nog niets meegemaakt wat daar op leek. We beschouwden die verhalen bijna als onzin.
Op deze plek langs een beekje werden we geconfronteerd met de realiteit. Eerst was er een wolk onweersvliegjes, maar dat groeide onverwacht uit tot massale aanwezigheid van mini-insecten. Het bleken midges te zijn. Ze kropen inderdaad door de horren heen en zaten in de camper. We hadden gelukkig tijdig "Smidge" kunnen kopen en dat hebben we flink gebruikt. We smeerden onszelf in en we spoten de horregazen in. Deet-houdende sapjes en smeerseltjes helpen niet tegen midges, ze komen zelfs op de deet af. Schotland-reizigers hadden ons Smidge geadviseerd. Gelukkig is dit sapje, dat in een pompbusje wordt verkocht, niet zo gevaarlijk voor de mens als een deet-houdende anti-insectenmiddel.

2 pompflesjes Smidge

Dinsdag, 14-06-2016
We hadden de onverwachte midges-aanval afgeslagen en goed geslapen.
Aan het eind van de ochtend arriveerden we bij "Inverewe Garden", dit zijn tuinen van een groot landgoed. Er staan zelfs subtropische planten. We hebben enkele uren kunnen genieten van de vele mooie en indrukwekkende planten. Opmerkelijke bomen waren enkele eucalyptus bomen, waarvan ook een "blood wood" eucalyptusboom. De meest onverwachte boom was een jonge exemplaar van de Wollemia, waarschijnlijk een van de meest zeldzame en onwaarschijnlijk grote planten ter wereld. De boom is vernoemd naar het Wollemi NP in New South Wales, Australië, waar de boom in 1994 voor het eerst is ontdekt. De Wollemia wordt als een levende fossiel beschouwd.

Inverewe Garden

Inverewe Garden Inverewe Garden

Inverewe Garden Inverewe Garden

Inverewe Garden

Inverewe Garden, Wollemia, levende fossiel

De rit ging verder door prachtige landschappen in zuidelijke richting. In Balmacara, Kyle vonden we een camping waar we konden overnachten. We wilden er twee nachten blijven.

Woensdag, 15-06-2016
We hadden een dag vrijaf genomen, we konden onze e-mail rustig lezen en beantwoorden en het nieuws van de laatste week achterhalen. Er was weer tijd om al het moois dat we onderweg gezien hebben een plekje geven. We merkten dat er een verzadiging was bij het verwerken van alles wat we hebben gezien.

In onze plannen hadden we een tocht opgenomen over het eiland Skye en dan een oversteek met de ferry naar de Buiten-Hebriden. Het weer was echter omgeslagen, we zaten midden in een lagedrukgebied. Dat betekende een erg onrustige zee. Voor Rob zou varen geen optie zijn vanwege zijn extreme gevoeligheid voor zeeziekte.
We besloten het eiland Skye en de eilanden Harris en Lewis over te slaan.

Donderdag, 16-06-2016
Na verzorging van ons zelf en de auto reden we enkele kilometers naar "Eilean Donan Castle". Een deel van het jaar wordt dit kasteel nog bewoond en dat was te zien. Het voelde ook leefbaar aan. Het tochtte niet zoals andere kastelen soms doen. Ondanks de vele tegendraadse Aziaten hebben we veel in het kasteel kunnen zien. Door het slechte weer en het verbod binnen te fotograferen hebben we weinig mooie foto's kunnen maken. En jammergenoeg was het eb.

Eilean Donan Castle, bij eb

Eilean Donan Castle Eilean Donan Castle

Eilean Donan Castle

Eilean Donan Castle, bij eb

De rit was zuidwaarts gericht. Fort William was ons doel. We moesten weer proviand inslaan. De supermarkt, die we wilden bezoeken lag in het centrum van die stad. Iets verderop konden we ons een plekje op de parkeerplaats veroveren. We hadden nog geen parkeerticket gekocht of er kwam al een parkeerwachter (meter maid) ons vertellen dat we niet in het centrum mochten parkeren met de camper. Wisten wij veel. We konden vertrekken of we kregen een boete. Bij een grotere supermarkt mochten we wel parkeren op een parkeerterrein; wat een geluk.
Na het aanvullen van de voorraden reden we Fort William uit, terug naar de weg waarlangs we de stad binnengekomen waren.
De enige camperplaats in de buurt was bij een oorlogsmonument van de Schotse commando's. We moesten ongeveer 15 km terugrijden.

4 oude één-cylinder motorfietsen: 1 Triumph en 3 BSA's

Oude Engelse motorfietsen gebruiken veel olie

Bij het monument was het een af en aan rijden van toeristenbussen en busjes, het was een druk bezocht monument. Tegen de avond werd het rustig en kwamen er nog een paar campers voor de overnachting bij ons in de buurt staan.